De Gouden Kandelaar

 
 
 

INLEIDING



William Law leefde van 1686 tot 1761 in Engeland. Hij was predikant in Cambridge en begon daar boeken te schrijven. Het bekendste is wel “A serious call to a devout and holy life” (1729), maar latere werken hebben een diepere inhoud. We noemen enkele. “Geheel voor God”, “De kracht van de Geest”, “Vrij van een op jezelf gericht leven”, een praktische verhandeling over christelijke volmaaktheid. In zijn studententijd in Oxford leerde hij John Wesley kennen. En door de contacten in de zogenaamde “Holy Club” had er in Law een ommekeer plaats van behoudenis door werken tot die door genade.


De bekende Zuidafrikaanse dominee Andrew Murray was zo gegrepen door de boeken van Law, die nogal moeilijk waren, dat hij besloot de boeken weer opnieuw uit te geven, maar dan sterk geredigeerd. Na één of twee bladzijden gelezen te hebben, gaf hij een samenvatting en commentaar. Wij hebben dit vertaald in het Nederlands.


Veel van Law’s boeken zijn een dialoog tussen twee mannen. Dit was gebruikelijk in die tijd. We hebben de commentaren en samenvattingen van Dr. Andrew Murray verkort gepubliceerd onder de titel “Vrij van het zelfleven”. De belangrijkste gedachten zijn dat het gewone christelijke leven een weg is van leren, waarin onder de invloed van het onderricht van de Schrift, het hart, de gedachten en de wil getraind worden, om zo een leven te zoeken waarin de Geest van liefde de ziel vervult. Dit kan slechts verkregen worden door de werking van God, waarbij onze Here als het Lam van God Zichzelf openbaart in het hart en het in bezit neemt.

De enige echte belemmering voor zo’n leven van de Geest van liefde in ons, is de kracht van ons boze zelfleven dat onze hele natuur vergiftigt. Het doel van deze training is dat de ziel in haar worsteling om Gods wil te gehoorzamen, gaat belijden dat ze absoluut machteloos is om bevrijding te bewerken. De enige weg tot bevrijding is een volkomen sterven van het zelfleven. Het grote geheim van deze dood wordt gevonden in een hulpeloos zich afwenden van het zelfleven tot God. Dit sterven aan jezelf is een volkomen geloof in Christus als het Lam van God. In de nederigheid van het Lam van God ligt het geheim van het werk dat Hij gedaan heeft. Als wij neervallen voor God in nederigheid, geduld en overgave van de wil, is dit het volkomen geloof in Christus en de enige voorwaarde voor Gods handelen in ons.



VRIJ VAN HET ZELFLEVEN



Sterven aan onszelf


Het zelfleven (of het ik-gerichte leven) kan zich verbergen onder elke vorm van goedheid. Deze gedachte moet ons alarmeren. Het zelfleven kan namelijk vasten, bidden en lange preken afsteken. Het zelfleven kan godsdienstig zijn, met plezier zijn plichten doen en buitengewoon ijverig zijn. Als wij willen spreken over sterven aan ons zelfleven, kan dit pas als we weten wat dit zelfleven is. Als we het niet zoeken waar het zich verbergt in zijn mantel van godsdienst, zal alle onderwijs hierover tevergeefs zijn. We zijn misschien bereid te sterven aan zijn trots en zonde, en weten niet dat zijn sterkte verborgen is. Het zelfleven is zelfs bereid ons te helpen om te sterven aan het ik. Pas als we zo bang beginnen te worden voor zijn subtiele werkingen dat we alle hoop opgeven om het ooit te overwinnen, kan het echte sterven aan het zelfleven beginnen:  een besef van onze volslagen onbekwaamheid om met het zelfleven af te rekenen, onszelf in opperste wanhoop op God werpen om het werk te doen.

Sterven aan onszelf, onder de macht van het zelfleven vandaan komen, kan niet gedaan worden door ons er actief tegen te verzetten vanuit onze natuur. Velen hebben geprobeerd zichzelf te kruisigen, wat niets anders was dan een werk van het zelfleven! Pas als de ziel komt tot het geloof in zijn eigen volslagen onmacht om af te rekenen met dit monster, krijgt hij inzicht in de absolute noodzaak van een volledige overgave aan God en het vertrouwen in Hem, dat nodig is als Hij alleen het werk voor en in ons zal doen. Christus heeft de zonde overwonnen door eraan te sterven. Wij zijn in Hem gestorven en zijn, evenals Hij, dood ervoor. Alleen als wij leven en “te allen tijde het sterven van de Here Jezus in ons lichaam omdragen”, zal het zelfleven sterven. Niets van wat we zelf doen heeft enige waarde, omdat het het zelfleven is dat in ons werkt. Het goede in ons is het werk van Gods Geest, en het is de voorbereiding op die volledige dood van het zelfleven waar Hij ons naartoe wil leiden en waarin wij volledig overgegeven zijn aan God die alles in ons werkt.

Alle mislukking in het christenleven is te wijten aan dit ene feit, dat wij in onze kracht proberen te doen wat God zelf alleen door Zijn Geest in ons kan bewerken. Sterven aan onszelf, onder de macht van het zelfleven vandaan komen, kan niet plaatsvinden door actief weerstand te bieden met onze natuurlijke kracht. Het zelfleven verwisselen voor het leven van God, uit de duisternis van het zelfleven in het licht van God komen, is een werk dat wij niet kunnen doen. Alleen hij die in de dood van Christus zijn eigen dood aanvaardt, gaat binnen in het leven van God als een geschenk uit de hemel.



De enige ware en directe manier om aan het zelfleven te sterven


Wat is de enige weg tot de dood van het zelfleven? Het is de weg van geduld, nederigheid, zachtmoedigheid en volledige overgave aan God. Het kan maar op één manier: ons diep buigen voor God in de belijdenis van zonde en onmacht en door geduldig, volhardend wachten op Zijn werk in ons.

Sommigen vinden dit advies te simpel: hoe kunnen deze simpele deugden van nederigheid en zachtmoedigheid de dood van het zelfleven tot gevolg hebben? Terwijl anderen denken dat dit voorschrift buiten hun bereik ligt; zij denken dat hun zelfleven dood moet zijn vóór ze nederig en zachtmoedig kunnen zijn. Maar als de dood van het zelfleven voor zondaars als wij is bedoeld, en als deze in ons gewerkt wordt door Gods werking in ons, is de enig mogelijke weg dat we onze zonde en onmacht zien en op onze knieën vallen in onze eigen hulpeloosheid en onszelf nederig aan God overgeven om het in ons uit te werken.

Sterven aan jezelf brengt meteen bevrijding. De Heiland zegt nog steeds: “Als u kunt geloven, alle dingen zijn mogelijk voor wie gelooft.” Hij wacht in Zijn oneindige kracht om ons alles te geven wat Hij voor ons door Zijn dood verworven heeft. Dit is een aansporing voor ons om naar Hem te gaan en overtuigd te worden van de zonde van ongeloof, die de grootste sta-in-de-weg is en met eenvoudig kinderlijk geloof het van Hem te verwachten.

Wat onze ervaring ook mag zijn met de macht van het zelfleven, met zijn zonde of zijn onvermogen de zonde te overwinnen, laten we leren naar Hem toe te gaan en zien dat er slechts één geneesmiddel is:  meteen op de knieën voor God neervallen in een nederigheid die haar “niets zijn” belijdt, in de zachtmoedigheid die buigt onder de schaamte die we voelen, in een geduld en volharding om te wachten op Gods zekere bevrijding, in een overgave en onderwerping die zich volkomen aan Zijn wil en macht en barmhartigheid toevertrouwt. Net zo eenvoudig als toen we als zondaar naar Hem toe kwamen en onmiddellijk de zegen van de zondevergeving ontvingen. Wat is Christus, het Lam van God, anders dan de belichaming van nederigheid, zachtmoedigheid, geduld en volharding en overgave aan God? Deze eigenschappen hebben Hem tot het Lam van God gemaakt. Het hart dat dit werkelijk ziet, verlangt naar deze eigenschappen en keert zich tot Hem in geloof.

Hoeveel christenen zijn er die een lijdende Christus als hun verzoening vertrouwen, maar nooit het zachtmoedige en nederige Lam van God als hun leven begeerd hebben. En toch is dit de verlossing die God aanbiedt. Het bloed van het Lam heeft het voorhangsel gescheurd en ons nader tot God gebracht, zodat wij nu volgelingen van het Lam kunnen zijn, het Lam die ons leidt in de weg die Hijzelf gegaan is. Hij had nooit voor de zonde kunnen sterven zonder Zijn nederigheid, zachtmoedigheid, volharding en overgave aan God. Hij kan ons onmogelijk deel doen krijgen aan die gezegende dood voor de zonde, zonder ons te leiden in nederigheid en overgave van onszelf aan God als Zijn eigendom.

Het is dit ware geloof in het Lam van God dat ons onmiddellijk te hulp komt, net zoals het geloof van de zieken die bij Hem kwamen hier op aarde, hun onmiddellijk genezing bracht. Maar er is één groot verschil. De lichamelijke genezing was iets dat eens voor altijd ontvangen werd en de genezen zieke bleef onafhankelijk van Christus. Hij kon zijns weegs gaan en Christus vergeten. De geestelijke genezing is oneindig meer gezegend; die maakt een mens ieder moment afhankelijk van het voortdurende contact met de Verlosser. Op hetzelfde moment dat de ziel zichzelf loslaat, en al zijn eigen kracht, en zich neerwerpt in het besef niets te hebben van zichzelf, en vertrouwt op de nederigheid en zachtmoedigheid van Christus, is hij meteen genezen. Zijn nederigheid en zachtmoedigheid worden ons leven en onze hoop en rust. En als wij leren daar te blijven in de kracht waarmee het Lam hen die Hem vertrouwen bewaart, in de kracht van Zijn dood, zal de rust blijven.



“Leer van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart”


Toen Christus de vermoeiden riep om tot Hem te komen en zei dat Hij hun rust wilde geven, voegde Hij eraan toe: “Leer van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart en gij zult rust vinden voor uw zielen.” Er is verschil tussen “en Ik zal u rust geven” en “gij zult rust vinden voor uw zielen”. Een kind vraagt mij of hij wat geld mag hebben om wat te kopen. Ik zeg dat het goed is en leg hem uit waar hij het kan vinden. Hij gaat naar mijn kamer, maar komt terug en zegt dat hij het niet kan vinden. Hij had niet goed naar mijn aanwijzingen geluisterd en daarom kon hij het geld dat ik hem wilde geven, niet vinden. Er zijn velen die tot Christus komen om rust te krijgen en toch nooit die volkomen rust vinden die Hij beloofd heeft. De reden is dat ze niet leren van Hem als de zachtmoedige en nederige. Al onze onrust komt voort uit het zelfleven. Als wij leren in ootmoedigheid te buigen voor wat God of de mensen mij aandoen, is al onze onrust meteen weg. Christus, de zachtmoedige en nederige, geeft ons Zijn nederigheid in het hart en dat brengt volmaakte rust.

“Ik ben zachtmoedig en nederig van hart.” Met deze woorden zegt Jezus ons waaruit Zijn macht om rust te geven en ons te redden van de onrust van de zonde bestaat. Zijn zachtmoedigheid is Zijn kracht om te redden; het is de verlossing die Hij geeft. Van Hem leren betekent leren om zachtmoedig en nederig van hart te zijn zoals Hij. Het zelfleven is trots en weigert zich voor God te buigen. In ootmoed buigen voor God, zoals Christus, is de zekere en enige manier om bevrijd te worden van het zelfleven. Laten we nu meteen tot Christus gaan en beginnen van Hem te leren.

De innerlijke houding van ons hart om in ootmoed, nederigheid en overgave voor Hem te buigen houdt in dat je alles wat je bent en hebt van Adam opgeeft. Het betekent dat je alles wat je hebt achterlaat om Christus te volgen. De zegen van ons behoud bestaat daarin dat we van onszelf en onze Adamsnatuur bevrijd worden. Geen enkele inspanning van onszelf kan er ook maar in het minst toe bijdragen om ons van onszelf te bevrijden en het zelfleven te doden. Toen Christus aan het kruis stierf, wat was dat anders dan een nederige en zachtmoedige overgave aan de wil van God, op Hem vertrouwend dat Hij Hem weer zou opwekken? En wat kan anders onze dood voor de zonde zijn, ons deelhebben aan de dood van Christus, dan dezelfde overgave aan Gods wil en die zachtmoedige en nederige houding heel ons leven te bewaren in vertrouwende afhankelijkheid, zodat Hij alles kan doen in ons leven.



Volg deze Christus


Er zijn veel christussen, zelfs onder gelovigen. Men neemt één aspect van Zijn werk of persoon en benadrukt dat ten koste van andere aspecten. Laten we zien of deze Christus, in Zijn nederigheid en zachtmoedigheid en volkomen toewijding aan God, de Christus is op wie wij ons vertrouwen gesteld hebben en van wie wij verlangen dat Hij in ons hart zal wonen en regeren, en aan wie wij in deze eigenschappen gelijkvormig gemaakt willen worden. De nederigheid van Christus is ons enige behoud. Toen God de mens schiep, was deze volkomen afhankelijk van Hem, en ontving heel zijn leven en al het goede voortdurend uit Zijn hand. Toen was nederigheid de enige voorwaarde die de mens in deze gezegende toestand kon bewaren. Toen de mens ongehoorzaam was en viel, was het zijn zelfverheffing die hem aftrok van God en de overheersende kracht van zijn leven werd en de oorzaak van alle zonde en ellende. Toen Christus mens werd was dat om de mensheid terug te brengen in die gezegende afhankelijkheid van God, door Zijn nederigheid, zachtmoedigheid en overgave aan God om voor onze zonde te boeten en om in ons een nieuwe natuur te scheppen. Nederige overgave aan God is dus niet alleen de enige manier om te sterven aan ons zelfleven, maar het is de enige verlossing die Christus geeft en de enige manier om deel te hebben aan Zijn dood en leven. Laat dit daarom de Christus zijn die u volgt van de morgen tot de avond.

’s Morgens begin je de dag met een daad van verootmoediging, om zo in de juiste houding van afhankelijkheid van God te komen. Dat is niet alleen ’s morgens nodig, maar de hele dag door. Elk moment moet het kleed van nederigheid gedragen worden. Het moet de permanente toestand van ons hart zijn, zoals bij Christus. De nederige en zachtmoedige geest was het wezen van Christus’ leven. En zo hoort het ook bij ons te zijn. Laten we de hele dag zonder onderbreking of ophouden deze Christus volgen.



Zelfzuchtig verlangen


Toen de zonde de mens overmeesterde, ging zijn verlangen niet meer uit naar God, maar naar zichzelf en de wereld. Al zijn zonde en ellende bestaat uit een constant verlangen naar datgene wat niet van God is.

Zoals we weten hebben alle elementen van het zelfleven één gemeenschappelijke wortel en hoewel sommige mensen vrijer zijn van bepaalde vormen ervan dan anderen, is er toch in ons allemaal dezelfde wortel van het kwaad. We moeten de noodzaak beseffen dat de bijl aan de wortel van de boom komt te liggen. Alle takken hebben hetzelfde leven en ze moeten of samen sterven of samen leven. Het helpt weinig om van één bepaalde zonde bevrijd te worden. We moeten aan het zelfleven sterven, aan heel ons eigen leven, en het nieuwe leven van de Geest van de liefde moet in ons geboren zijn. Dat is een absolute noodzaak.

Elke uiting van zonde, elke poging om die te weerstaan moet ons opnieuw doen bedenken wat de geheime wortel van het zelfleven is waarin de zonde zijn kracht heeft en wat de enige weg is om bevrijd te worden. Het is Jezus Christus die de zonde wegneemt. Even zeker en onmiddellijk als de kracht was die uit Jezus vloeide als iemand de zoom van Zijn kleed aanraakte, is de hulp die voortkomt uit Zijn verheerlijkt leven in de kracht van Gods troon en die stroomt in de ziel die Hem vertrouwt. Als iemand zich buigt in nederigheid, zachtmoedigheid, geduld en toewijding aan God, zegt hij daarmee dat hij instemt met de dood van het zelfleven en zijn hoop alleen op Christus vestigt.



Wanhoop aan jezelf


De dood van het zelfleven betekent een totale wanhoop aan jezelf – dat wil zeggen dat we elke gedachte opgeven dat we ook maar iets doen dat goed is, op een andere manier dan met een zachtmoedige, nederige, geduldige en totaal overgegeven geest aan God. Alles wat we uit godsdienstige overwegingen doen zonder deze overtuiging is uit onwetendheid van wat we zijn en is vaak eerder het leven van het zelfleven dan zijn dood. Als we ons schamen over onze trots, is dat eenvoudig omdat we iets beters van onszelf hadden verwacht. Als we onszelf veroordelen omdat we boos geweest zijn, is dat met de hoop dat we het niet weer zullen doen. Als we ons voornemen niet te zondigen, is dat met de stille hoop dat we door ons besluit en de kracht van onze wil ervan weerhouden worden. Dit alles is het zelfleven. We moeten innerlijk tot de volle overtuiging komen dat, even weinig als wij kunnen zien met onze handen, we uit onszelf ons zelfleven of de zonde kunnen overwinnen. Dit alleen brengt ons tot die volkomen afhankelijkheid van God en dat simpele geloof in Christus Jezus waardoor Gods Geest vrijelijk Zijn werk in ons kan doen.

God moet alles doen, of alles is niets. God kan niet alles doen voordat we alles van Hem verwachten. En wij verwachten niet alles van God voordat we waarachtig wanhopen aan elke menselijke hulp en het onze enige hoop en verlangen is dat we een zachtmoedige en nederige geest hebben. Er bestaat geen enkel goed behalve wat God zelf werkt. In de Zoon en de Geest heeft God bezit genomen van de mens om in hem te wonen en te werken. Het enige dat God van de mens vraagt is geloof – dat hij alle goeds van Hem alleen verwacht. De enige belemmering voor een waarachtig geloof is dat de zachtmoedigheid en nederigheid en het volledig toevertrouwen aan Hem en Zijn genade en kracht, zo weinig gezocht wordt. Daarom heeft het zelfleven zo’n machtige sterke kracht in de gelovige en in de kerk.


In de gelovige

Wij moeten deze waarheid vasthouden dat elk falen in het christelijk leven, elke uitbarsting van ons temperament, elke teleurstelling omdat onze gebeden en inspanningen zo weinig helpen, het gevolg is van een geheim vertrouwen in onze eigen kracht. Het enige antwoord is ons in geloof vast te klemmen aan het Lam van God, in volhardende overgave aan God. Dat geeft directe hulp. Dat maakt ons overwinnaars!


In de kerk

Helaas! Hoe veel is er in de verdeeldheid, in wereldgelijkvormigheid, in trots, in de eer die aan mensen gegeven en van mensen ontvangen wordt, in zoveel van haar methoden, wat zo pijnlijk aantoont dat nog steeds het zelfleven de overhand heeft in Gods tempel, Zijn lichaam op aarde. In de stad van God is het Lam op de troon in de heerlijkheid van God de tempel en haar licht.

Zullen we ons er niet naar uitstrekken en erom bidden dat de nederigheid van Christus de plaats van de trots van het zelfleven mag innemen? Het was het kenmerk van Christus toen Hij op aarde was. Laat het het enige verlangen en het kenmerk van elke ware gelovige zijn. Dan alleen zal de heerlijkheid van God in de gemeente gezien worden. Verwacht alles alleen van Hem en geef Hem de eer. Dan maakt het zelfleven plaats voor het leven van liefde en van God.



De toestand van het hart


Onze Here Jezus heeft meer dan eens gezegd: “Wie zichzelf vernedert, zal verhoogd worden.” Het vernederen is ons aandeel, de verhoging is Gods werk. Zo was het ook bij Christus. Hij heeft Zich vernederd, daarom heeft God Hem uitermate verhoogd. Als wij een verlangen hebben om Hem te volgen en te jagen naar Zijn nederigheid, krijgen we deel aan de geest en de kracht van Zijn verheerlijkte leven in de hemel. Wij hebben met Hem deel aan de liefde van God. Alleen hij die met volharding de nederigheid, zachtmoedigheid, het geduld en de overgave zoekt van het Lam van God op aarde, ontvangt de volheid van de Geest der liefde. Nadat Christus drie jaar lang Zijn discipelen onderwezen had in nederigheid, liet Hij in de laatste nacht het geheim zien van een liefde in hun hart zoals Hij die had voor hen. De nederigheid die niets heeft of zoekt voor zichzelf zal uit de hemel de Heilige Geest en de volheid van liefde ontvangen.

Deze nederigheid is niet iets voor nu en dan, wanneer we bidden of wanneer we merken dat ons zelfleven de kop opsteekt, maar het is een toestand van het hart, een constante en voortdurende houding waarin wij leven voor God en de mensen. Overal en in alles moeten we deze gemoedsgesteldheid voeden. Dan is ons huis op een rots gebouwd; het licht en de liefde van God beginnen in u te werken en zullen u zegenen en heiligen. Stel uw vertrouwen in de Here Jezus en leer van Hem. Alle ootmoed en nederigheid komt van Hem. Laten we deze Christus ontvangen in ons hart. Laat deze gezindheid, die u ontvangt door Zijn dood aan het kruis uw zaligheid zijn. Alleen in zo’n hart, gelijkvormig aan dat van Christus, openbaart God Zich en toont de macht van Zijn verlossing.

Er zijn veel christenen die dit vergeten. Sommigen denken dat de verlossing alleen zondevergeving betekent; anderen alleen heiligmaking, weer anderen verbinden het alleen met de hemelse heerlijkheid. Zij begrijpen niet dat het eerste alleen het begin is, het tweede de gezegende vrucht, en het derde de volle openbaring. Verlossing zelf is het leven van God in de ziel, waartoe de mens geschapen werd, nu hersteld in Christus Jezus. En het leven van God in de ziel kan alleen maar verkregen worden als het hart de werking van de Geest ontvangt en de inwoning van Christus, en zo gevuld wordt met de volheid van God. En Christus kan op geen enkele manier in ons wonen, tenzij we de gezindheid hebben die in Hem was, Zijn nederigheid en zachtmoedigheid. Christus’ Geest en beeld kan alleen in ons zijn in zoverre dat in ons hart is. Deze toestand van ons hart, gewerkt door de vernieuwing en versterking van de Geest in de innerlijke mens, een bekering van het zelfleven tot God, een diepe verootmoediging waardoor we deel hebben aan de deugden van het Lam van God, onze Verlosser, is de enige voorbereiding om de Geest van liefde als de Geest van ons leven te ontvangen.



Het gevoel van onmacht


“Stel je voor dat ik zo gebukt ga onder mijn eigen duisternis en zelfzuchtig karakter dat ik mij niet ten volle kan onderwerpen aan God, wat moet ik dan doen?” Deze vraag stelt bijna iedereen die ernstig wil wandelen in deze weg van het kruis, de weg van sterven aan het zelfleven. Het duurt niet lang of hij voelt dat hij niet die nederigheid en zachtmoedigheid bezit waarnaar hij zo verlangt. Een besef van volslagen onmacht maakt hem terneergeslagen. In plaats van zich ootmoedig en nederig te voelen, steekt de duisternis en zelfzucht van zijn oude natuur weer de kop op en hij voelt zich verder van zijn doel af dan tevoren.

Luister naar het antwoord. Nu is het de allerbeste tijd om dat wat je geleerd hebt te beproeven. Het is geen kwestie van de gevoelens maar van de wil. Standvastig verlangen naar het overwinningsleven is het antwoord. Het is niet de bedoeling dat we naar binnen kijken of we wel zachtmoedig en nederig genoeg zijn. Richt je op God en Zijn barmhartigheid.

Op de weg die naar God leidt door de dood van het zelfleven is dit één van de belangrijkste lessen die een christen moet leren. Wij kijken naar binnen naar onze gevoelens en naar wat wij bereikt hebben, en als wij het tegendeel van wat wij verlangen ontdekken, verliezen we de hoop en de kracht. Laat iedere christen leren dat het de wil is die het bepaalt, en het is de wil waar God ons op oordeelt. Het is de wil waarin het geloof zijn werk doet, en het is de wil waardoor de Heilige Geest ons leert overwinnen.

Als we merken hoe onze duisternis en zelfzucht ons overvalt, moeten we daarvoor niet terugschrikken, maar het moet ons juist meteen op onze knieën brengen om ons te verootmoedigen en te onderwerpen aan God. Het verlangen wordt door God aanvaard en wie volhardt zal spoedig bemerken dat er bevrijding komt. Laat de afwezigheid van gevoelens, of besef van koudheid of zondigheid je niet ontmoedigen. Hoe hulpelozer je je voelt, hoe meer reden je hebt om je meteen tot Hem te wenden die alleen de zonde weg kan nemen. Nederigheid is de eerste van alle deugden. Het is het enige dat ons in de positie brengt waarin we geholpen kunnen worden, en het heeft een bijbelse belofte van zegen.



Het werken van God


Als ons hele hart volledig en alleen vertrouwt op het werken van God in ons, hebben we meer van de goddelijke werking in ons, naar de mate van ons vertrouwen en onze afhankelijkheid van God. O, begin de Heilige Geest en de Drieënige God te eren, die in u woont en werkt, altijd met geloof en blijdschap dat God in u is. God heeft u een nieuw hart gegeven, gereinigd door geloof, met de liefde van God daarin uitgestort door de Heilige Geest.

En als de zonde steeds maar probeert om binnen te komen ..., stel uw vertrouwen op God. Zodra de zonde de kop opsteekt, verlies dan geen tijd door te proberen de zonde te overwinnen, maar trek je meteen terug in je burcht, de verborgen plaats van de Allerhoogste, door te geloven dat God door Zijn Geest in u woont. Hij zal “de werkingen des lichaams” doden, die u zo vermoeien. Uw hart is Zijn woning en werkplaats. Laat die het paleis en de tempel zijn van de Koning!



Het Lam van God brengt Zijn natuur in ons


We hebben tot nu toe gezien dat een verlangen naar de deugden van Christus een verlangen naar Hemzelf is, omdat alleen in Hem die deugden te vinden zijn. We komen daarom tot Hem met het verlangen geleid te worden door Zijn Geest van zachtmoedigheid, nederigheid en overgave aan God. Heel het verlangen van ons hart gaat nu uit naar het Lam van God, die alleen de macht heeft om deze deugden in onze ziel voort te brengen. We hebben daarom zo uitvoerig stilgestaan bij de noodzaak aan ons zelfleven te sterven, zodat het verlangen gewekt zou worden en we zijn voorbereid voor een levend, waarachtig geloof in het Lam van God en voor datgene waar Hij ons in wil doen delen.

Christus stierf niet alleen voor de zondeschuld, maar ook om de macht van de zonde te breken. Hij had deel aan alle verzoekingen die wij ook kennen. Hij bood weerstand ten bloede toe. Zo stierf Hij aan de zonde en aan alle kracht daarvan. Voor altijd had Hij de zonde overwonnen. Net zoals Adam – en wij in hem – gestorven is voor God en de hemel toen hij de zonde verkoos, zo zijn wij in en met Christus gestorven voor de zonde en zijn kracht. Alleen als wij door geloof, dat door de Heilige Geest gewerkt is, Gods Woord aanvaarden dat we in Christus dood zijn voor de zonde, en als dat voor ons vaststaat, kunnen wij de juiste positie ten aanzien van de zonde innemen, als mensen die weten dat ze vrijgemaakt zijn van de zondemacht (Rom. 6:6-11). Hierin schuilt het geheim van ware heiligheid.

De houding van Christus in Zijn dood was de geest van nederigheid, die boog onder de vloek van de zonde, de zachtmoedigheid die alles verdroeg wat God en de mensen Hem oplegden, het geduld waarmee Hij God Zijn tijd liet bepalen (Mijn ure is nog niet gekomen), de overgave en berusting in volkomen gehoorzaamheid aan Zijn wil en liefde. Hierdoor alleen was het dat Hij aan de zonde gestorven is en weer opgestaan om voor God te leven. En alleen door deze zelfde geest vervult en beheerst de dood in Christus voor de zonde het leven van de gelovige.

Bij de schepping werd de mens zo geschapen dat hij in nederige afhankelijkheid van God leefde. Bij de zondeval was dit het enige dat hij verloor – zijn hoogmoed ruïneerde hem. Voor zijn verlossing was dat ook het enig nodige – hem weer terugbrengen naar de gezegende toestand van ootmoed en overgave aan Gods wil. In Christus was dit het enige waardoor Hij ons gered heeft, als het zachtmoedige en nederige Lam van God. En door Zijn eigen Geest heeft Hij ons deelgenoten gemaakt van een menselijke natuur waarvan nederigheid de belangrijkste heerlijkheid was.

Iedere gelovige die tot Christus nadert, moet in zijn gemeenschap met God vóór alles zich diep verootmoedigen. Dat is het bewijs dat hij met Christus gestorven is. En elke keer weer moet hij zijn zelfleven overgeven aan God in de dood. Zo weet hij zeker dat hij geen denkbeeldige Christus aanbidt, maar het Lam van God zelf, wiens nederigheid de weg is tot de heerlijkheid van God.

Ziet u het? Deze nederigheid, zachtmoedigheid en overgave aan God worden alleen in Christus gevonden. Zoek ze in Hem met uw hele hart, met geloof door de Geest, dat u één maakt met Hem. En dan zult u van Hem, het Lam van God, deze deugden krijgen die Hij verlangt tot uw natuur te maken.



Twee lessen


Er zijn twee lessen die we moeten leren op dit punt. De ene is dat als we over de dood van het zelfleven spreken, we ervoor op moeten passen dat we dit niet beperken tot onze relatie met God en in sterke bewoordingen over ons niets-zijn tot Hem spreken, terwijl in onze gesprekken met onze medemensen het zelfleven zijn eigen weg gaat. De nederigheid en zachtmoedigheid, het geduld en de overgave aan God die we zoeken en die we in het Lam van God zien, zijn speciaal nodig en moeten bewezen worden in onze omgang met de mensen.

Het is misschien gemakkelijk om te proberen ons voor onze grote God te vernederen, maar om dat voor onze medemensen te doen is moeilijk. Maar het Lam kan dit in ons bewerken. Zijn nederigheid heeft de test van tegenstand en ondankbaarheid van de mensen doorstaan. Als dat ook in ons leven zal gebeuren, is het nodig dat we elke morgen, elk uur, ons laten verzinken in de nederigheid van Christus en daarin geloven als onze enige waarborg in ons dagelijks leven, onze enige kracht om de hele dag te wandelen in ootmoed en liefde.

De tweede les is dat elke uitbarsting van kwaad of van boosheid, of zelfzucht, of trots, altijd gezien moet worden als een kenmerk van het beest – een bewijs van de aanwezigheid van de slang in ons paradijs. Zo’n uitbarsting moet ons meteen aansporen om ons te richten op het Lam van God. Niet alleen om van die uitbarsting bevrijd te worden, maar voor de beloofde inwoning van de Heilige Geest, waardoor de Geest van liefde ons hele leven wordt, en waardoor wij meer dan overwinnaars gemaakt worden door Hem die ons heeft liefgehad en in ons woning maakt. Alleen het beloofde Zaad in Zijn inwonende aanwezigheid kan de kop van de slang vermorzelen.

Als we kijken naar de mate waarin christenen zich uitleven in de wereld, om comfort en luxe dingen, pleziertjes en bezit na te jagen – als we bedenken hoeveel aandacht eraan geschonken wordt om net als andere mensen te zijn, om te hebben en te doen wat zij hebben en doen, hoeft het ons niet te verbazen dat het zelfleven, dat door al deze dingen gevoed wordt, op andere terreinen een onweerstaanbare macht krijgt.

Alles wijst naar dit ene: het heeft weinig zin om de werkingen van het zelfleven te weerstaan; de dood van het zelfleven is onze enige hoop. Wij moeten sterven aan onszelf en die dood is het Lam van God voor ons gestorven om met ons te delen. Als wij zien op het kruis en de nederigheid en zachtmoedigheid, het geduld en de overgave aan God die Hij daar liet zien, laten wij ons dan naar Hem toe keren met het verlangen Hem gelijkvormig te zijn, met het geloof dat dit in ons zal uitwerken. Laten we ons diep verootmoedigen en onszelf toevertrouwen in Zijn hand.



De zegen van een volkomen overgave


We kunnen niet vaak genoeg herhalen dat de mens geschapen was om al zijn goedheid en blijdschap van God te ontvangen in een voortdurende rechtstreekse gemeenschap, en dat daarom de wortel van alle christelijke ervaring en zegen, de volledige overgave aan God is. Christus is gekomen om ons daarin terug te brengen. Er is niets beters dan een ononderbroken afhankelijkheid van God. Hij kwam op aarde om als mens te leven, in nederigheid en zachtmoedigheid, als een lam. Zo heeft Hij de zonde overwonnen en ons verlost van de macht daarvan om Zijn leven in ons te leven in voortdurende overgave aan God. Het was Zijn zelfvernedering die Hem tot onze Heiland maakte. Zijn nederigheid maakte Hem tot onze Verlossing.

Het duurt vaak lang voordat deze waarheid, zelfs als die geaccepteerd is, volledig doordringt tot de ziel.

Dan gaan we zien, omdat er slechts één God is, dat zowel voor het schepsel als de zondaar, de enige plicht ten aanzien van Hem de nederigheid is die Hem Zijn plaats geeft en tevreden is om alles van Hem alleen te ontvangen. We gaan zien dat in elk gebed, in elke gedachte, in elk moment van ons leven, slechts één ding nodig is – de plaats in te nemen van nederigheid en afhankelijkheid voor God, van een zachtmoedigheid en geduldige overgave aan God. Deze nederigheid zal dan niet langer één van de vele deugden zijn, zelfs niet de belangrijkste, maar de enig wezenlijke wortel van het leven van genade. Alle andere deugden, zoals vrede, liefde, blijdschap, geloof en dienstbetoon, hebben hier hun begin, omdat nederigheid alleen ons in een houding van afhankelijkheid houdt, waardoor God in ons kan werken.

We zullen vaak bemerken wanneer we verlangen ons tot Christus te wenden in ware nederigheid, zachtmoedigheid en geduld, in het besef van onze onmacht en niets-zijn, dat er toch nog iets is dat ons hindert om tot die volmaakte rust te komen. Misschien doen we in heel kleine dingen nog onze eigen wil of letten we niet genoeg op alles wat God wil. Een volledige overgave aan de volmaakte wil van God brengt volmaakte rust. Het moet altijd gepaard gaan met gehoorzaamheid. Jezus zegt: “Leer van Mij want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart en gij zult rust vinden voor uw zielen.”



Toebereiding voor de bruiloft van het Lam


We hebben gesproken over het nederige Lam van God, die alleen de macht heeft om deze hemelse deugden in ons binnenste voort te brengen. Wij gaan nu een stap verder: ons heil komt door de “geboorte” van dat nederige, zachtmoedige, geduldige Lam van God zelf in onze geest. Als dit plaatsvindt worden onze harten gereedgemaakt voor de bruiloft van het Lam – de hoogste vorm van eenheid tussen God en de ziel die mogelijk is in dit leven. Dit is echte verlossing en behoudenis als Christus als het Lam van God in ons woont en geformeerd wordt, en in de liefde die de kennis te boven gaat ons vervult met de volheid van God. Alleen door nederigheid en overgave hebben we hier de toegang toe en kunnen we bevrijd worden van het zelfleven. “Dezen zijn het die het Lam volgen, waar Hij ook heengaat.”

Hoe zullen we die nederigheid vinden? Zoek ze met uw hele hart in het besef van uw leegheid. Sla uw ogen op naar de Heer der heerlijkheid en verwacht alles van Hem. Alle nederigheid is in het Lam en u krijgt die niet los van het Lam zelf. En als u bang bent dat al uw verlangen naar Hem en uw geloof in Hem te zwak is, denk er dan aan dat het Zijn eigen Heilige Geest is die uw verlangen en deze liefde tot de nederigheid heeft doen ontwaken in uw hart.

160

 

Deze site is onder andere bedoeld om de uitgevers van het blad “De Gouden Kandelaar”

de gelegenheid te geven de tekst op internet te publiceren, om zodoende Gods kinderen te bemoedigen en aan te sporen het Lam te volgen waar Hij ook heengaat (Openbaring 14:4).


Klik op het nummer van De Gouden Kandelaar onder het logo voor de pdf-versie. Klik op Archief voor vorige uitgaven (pdf).






Voor opnamen van toespraken van

Bakht Singh en

C.R. Golsworthy, klik op Audio-archief.






Voor de opnamen van de toespraken van Randy Nusbaum tijdens zijn recente bezoek aan Nederland, klik hier.


Voor toespraken van Elisabeth Elliot (veelal over huwelijk, gezin en opvoeding) kunt u zich aanmelden via het contactformulier.

U krijgt dan toegang via een link naar een gedeelde pagina met de opnamen.


Ook is er elke eerste van de maand een overdenking of een getuigenis op blog.degoudenkandelaar.net



VRIJ VAN HET ZELFLEVEN


SELECTIES VAN DE GESCHRIFTEN VAN

WILLIAM LAW


Andrew Murray


–––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––

Van de redactieWelkom_files/begeleidend_web.pdf