November – Zoekt Mij en leeft


Zoekt Mij en leeft (Amos 5:4)

Handig hè, die zoekmachines op internet?! Typ maar in en je krijgt een lijst met mogelijkheden om precies te vinden wat je zoekt. Toch raak ik nog wel eens teleurgesteld en niet zelden heb ik spijt dat ik me weer eens heb laten afleiden van datgene waar ik eigenlijk naar op zoek was. Ik had mijn kostbare tijd beter kunnen besteden. We zouden als christenen onder elkaar elkaar vaker tips moeten geven over hoe je met je computer en internet moet omgaan.

Informatie
Internet geeft toegang tot veel informatie. Maar niemand zal beweren dat de opkomst van internet geleid heeft tot een krachtiger christendom of dieper geestelijk inzicht. Het tegendeel is eerder waar. Er ligt een misleiding in dat informatie ons verder kan brengen. Gebed is onvervangbaar. Gebed leidt tot diepere kennis van de Here Zelf. Het is een zoektocht naar Gods wil, naar Zijn hart. Ik zocht laatst op internet naar iets maar vond het niet. De volgende dag zocht ik verder en vond het nog niet. In plaats van dat er een lampje bij me ging branden dat ik niet goed bezig was, raakte ik in een soort zoekkoorts. De volgende dag weer, hup, computer aan en zoeken maar... Weer niet gevonden. Toen hoorde ik pas de stem van de Heilige Geest: “Waarom heb je de Here niet gevraagd?” Als we denken dat computers tijd besparen, dan konden we nog wel eens bedrogen uitkomen. Soms zijn ze handig, maar je moet goed weten waar je mee bezig bent en relativeer altijd de waarde van informatie.

Computerzonde
En dan is er nog het gevaar van totaal verdwalen achter de computer en dingen te zien krijgen die op zijn zachtst gezegd niet door de beugel kunnen. Broeders, het is één grote leugen! En het is zonde! Het is onreinheid. maar het is iets algemeens geworden, bereikbaar voor iedereen die geen filters op zijn computer zet. Het is een groot gevaar, juist omdat het maar een paar klikken kost. Je zoekt iets op youtube, misschien wel naar een uitvoering van een geestelijk lied. Maar je oog valt op een plaatje dat er onder staat, iets dat er niets mee te maken heeft, maar om een één of anderen reden toch iets van je zoekterm bevat. Je nieuwsgierigheid dringt je ertoe om toch eens op dat plaatje te klikken. En zo kunnen we volkomen afdwalen en verkeerd terecht komen.

Het bloed van Christus reinigt
Als we gezondigd hebben, mogen we weten dat, als we onze zonden belijden, het bloed van Christus ons reinigt (1 Joh. 1:9). Gelukkig maar... Maar hoe ernstig nemen we de zonde? Gods Woord is er duidelijk over dat het om onze hartsgesteldheid gaat bij de belijdenis van onze zonden. Zonde is erg, iedere zonde, klein of groot. Maar er is nog iets ergers – al klinkt dat vreemd – namelijk de verharding van ons hart. Er is niets zo erg als verharding. En vooral bij computerzonde is het gevaar van verharding groot. Want, broeder, je kunt wel even de Heer om vergeving en reiniging vragen, maar belijd je het ook aan je vrouw of verloofde? Vreemd genoeg kost dat meer dan de Heer om vergeving vragen. Je verliest je gezicht. Doe het toch! Verneder je. Het moet. Pas dan blijkt dat we ernst nemen met de zonde. Hoeveel zusters zijn er die denken dat hun man op zijn studeerkamer diep in gebed is, de Here zoekt en Gods Woord bestudeert, terwijl hij in werkelijkheid achter zijn computer vieze filmpjes zit te kijken? Het brengt geestelijke dood voort. De Here zegt: “Zoekt Mij en leeft.”

Verbrokenheid
“Zoekt Mij en leeft,” zegt de Here. Goed, je hebt een avondje vrij en denkt: “Ik ga vanavond bidden en de Bijbel lezen.” Aan het einde van de avond kom je tot de schrikbarende conclusie dat je eigenlijk nog maar een kwartier over hebt om te bidden en de Bijbel te lezen. Wat is er met de tijd gebeurd? Waar ben ik allemaal mee bezig geweest? Tja, bezig, bezig, bezig. Hopelijk leidt zo’n conclusie tot verbrokenheid, een verbrokenheid die vergelijkbaar is met die van Petrus. Hij had gezegd: “Here Jezus, ook al verlaat iedereen U, ik nooit!” Nee nee, Petrus, jij nooit... Nadat hij de Here Jezus verloochend had, huilde hij bitter. Hij was diep teleurgesteld over zichzelf. De Here laat ons tot het einde van onszelf komen, zodat we niet meer van die goede voornemens durven te maken, maar op zoek gaan naar Hemzelf, naar een bron buiten onszelf, in Christus. We komen tot die overgave waarover de overdenking van vorige maand ging. Sommige broeders en zusters geloven dat een dergelijke crisis een noodzakelijke tweede bekering is. Ik wil niet zo ver gaan. Eigenlijk is het een dagelijkse overgave. Dan is het geen prestatie meer om de Heer te zoeken. Je zult jezelf nooit beter voelen dan andere christenen als het je lukt om een uur te bidden. Je zult misschien wel niet in de gaten hebben dat er al een uur voorbij is...

H.d.J.


Oktober – Vrijheid


Zo zijn dus de zonen vrij (Mat. 17:26)

Het woord vrijheid spreekt de mens enorm aan. Naties hebben het in hun vaandel staan, politieke partijen schermen ermee. En als ik persoonlijk filosofeer over het leven, dan beland ik in het beschrijven van een zoektocht naar ware vrijheid, bevrijding. Gelukkig zijn zij die de Bevrijder gevonden hebben, Jezus Christus! Maar ook nadat zij Hem gevonden hebben, gaat de zoektocht door. Want die ware vrijheid zit dieper dan op het eerste gezicht.

De vrijheid van Christus
De Here Jezus is een raadsel. Hoe kan Gods Zoon, Degene die absolute vrijheid heeft, Zich door mensen laten kruisigen? Men wist van Hem: “… dat Gij waarachtig zijt en de weg Gods in waarheid leert en dat Gij U aan niemand stoort; want Gij ziet de mensen niet naar de ogen.” En als Hem belastinggeld opgelegd wordt, laat Hij het Petrus halen uit de bek van een vis, “… opdat wij hun geen aanstoot geven.” Hem is alle macht gegeven in hemel en op aarde. Hij kan de Vader aanroepen om Hem meer dan twaalf legioenen engelen terzijde te stellen (Mat. 26:53). Maar Hij zegt tegen Petrus: “Steek het zwaard in de schede; de beker, die de Vader Mij gegeven heeft, zou Ik die niet drinken?” Dat is het toppunt van vrijheid.

Comfort
Uit de weg die de Here Jezus gegaan is, blijkt dat we bij vrijheid ons niet een comfortabel leventje moeten voorstellen, gezellig met het gezin bij de open haard, iedereen gezond, guitaartje, blije liedere zingen, een soort eeuwige vakantie, doen waar je zin in hebt, geen verplichtingen, niemand die je de wet voorschrijft. Overigens moeten we ons evenmin de hemel zo voorstellen. Er is een lied dat begint met: “Neem mij gevangen, Heer, dan ben ik waarlijk vrij.” Een gevangene, een slaaf van Christus, is een vrije. Maar voordat we dat ontdekken, gaan de meesten van ons door een lange, moeizame strijd. Hebben we dat eenmaal ontdekt, dan is het zaak om daarin door te gaan en te groeien.

De mens
Uit het zinnetje “want gij ziet de mensen niet naar de ogen”, blijkt dat er een valstrik ligt op de weg naar de ware vrijheid in Christus: de mens. Je zou de mens in twee categorieën kunnen verdelen: heersers en dienaren. De geschiedenis van de mens wil ons leren dat heersers streven naar overheersing en dienaren ernaar streven om onder die overheersing uit te komen. Beide categorieën zijn niet vrij. De heersers moeten manipuleren, chanteren, omkopen, tegenstanders uitschakelen. De dienaren moeten rebelleren, in opstand komen, vechten. Altijd staat de mens in de weg. Het enige antwoord is dan ook: de mens moet weg. Als tiener kwam ik in opstand tegen milieuvervuiling en bedreiging van natuurschoon. Ik vocht me door de exacte vakken, want ik wilde per se milieukunde studeren en daarna mijn veldtocht beginnen tegen de mens. Totdat ik ontdekte dat ik er zelf ook één was... En ik ontdekte dat ik een ellendig mens was, zoals Paulus zegt in Romeinen 7. En ook ik moest uitroepen: “Wie zal mij verlossen…” Gelukkig vond ik Hem vijf jaar later, mijn Heiland, Jezus Christus! Eén is voor allen gestorven, dus zijn zij allen gestorven, opdat zij die leven niet meer voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem die voor hen gestorven is en opgewekt (2 Cor. 5:15). Dat is ware vrijheid

De zonen
De zonden zijn vrij. Dat is een heerlijk onderwerp. Romeinen 8 gaat er over, en de hele Galatenbrief. Uit de Galatenbrief blijkt hoe lastig het soms is om in die vrijheid te blijven staan. Petrus ging voor de bijl en zelfs Barnabas. Steeds is het antwoord hetzelfde: “Met Christus ben ik gekruisigd, en toch leef ik, niet meer mijn ik, maar Christus leeft in mij.” Je hoeft noch te manipuleren, noch te rebelleren. Gestorven zijn met Christus en Zijn opstandingsleven openbaren, dat is vrijheid.

H.d.J.


September – De vreugde in de HERE


De vreugde in de HERE, die is uw toevlucht (Neh. 8:11)

Het Schriftgedeelte in Johannes 15 dat gaat over de Landman, de Wijnstok en de ranken wordt vaak in verband gebracht met wat men noemt “het overwinningsleven”. Wat in ieder geval de bedoeling van de Here Jezus is met deze toespraak is aan Zijn discipelen duidelijk maken dat Zijn heengaan naar de Vader niet een scheiding is, omdat Hij een geestelijke verbondenheid belooft. Die verbondenheid is iets nieuws, iets wat de mensheid tot dan toe nog niet gekend heeft. Het is een verbondenheid die tot stand gebracht wordt door de Heilige Geest. Het bijzondere is hierbij dat de Heilige Geest niet Iemand is die komt en weer gaat, maar in de harten komt wonen. Dat is basiskennis, maar toch is het de vraag: leef ik daarnaar?

Gegrepenheid
Het is mijn grootste angst om die verbondenheid kwijt te raken, of zelfs dat die iets zou verminderen. De verbondenheid met de Here Jezus is het enige waarvoor ik leef. Niets op aarde kan mij meer echt boeien of bekoren (behalve mijn vrouw). Het is een genot om over de velden te turen en te luisteren naar het gezang van vogels. Er zijn dingen die het leven plezierig maken. Maar dat is niet waarvoor ik leef. Het directe contact met de Here Jezus, dat is het. Als dat er niet is, is er niets. Maar door Gods toedoen is er een innerlijke drang die mij naar Christus uitdrijft. Dat is een zeer belangrijke eigenschap van het Nieuwe Leven, het leven in de Geest. God heeft mijn ogen geopend voor Zijn Zoon en ik ben door Hem gegrepen, weg van Hem. Dat is het.

Openbaring
Waar God op uit is, is de openbaring van Zijn Zoon. Al het andere, gerechtigheid, heiligheid, de Gemeente, Zijn Koninkrijk, alles vloeit voort uit de openbaring van Zijn Zoon Jezus Christus. Maak iets van deze goddelijke waarheden los van Christus en je belandt in een dwaling.

Toevlucht
Zonder die openbaring van Jezus Christus kunnen we nooit onze toevlucht bij Hem nemen en kan de vreugde om Hem te kennen nooit onze toevlucht zijn. Want het gaat altijd om een vergelijking. Raak ik niet los van aardse bindingen of de duistere machten die daarmee verbonden zijn, dan komt dat doordat dat aardse nog iets bekoorlijks heeft in mijn beleving en dat komt weer doordat dat nog niet vervaagd is in het licht van Christus. In het licht van wie Christus is vervaagt alles. Niets heeft nog enige waarde. Niets is meer interessant. Als er dan een verzoeking komt, kan ik mijn toevlucht tot Hem nemen. Ik weet waar ik zijn moet.

Tijd
God heeft vele wegen om openbaring van Jezus Christus te geven. Meestal gaat het gepaard met moeiten en moeilijkheden. Acht de tuchtiging des Heren niet gering, zegt Hebreeën. De openbaring van Jezus Christus is gratis, maar niet goedkoop. Er is ook tijd voor nodig, vormingstijd aan de ene kant, en tijd om met de Here alleen te besteden aan de andere kant. Klinkt dat mystiek? Hoe het ook zij, het is nodig om in de stilte te vertoeven aan de voeten van de Heer. Er kunnen zeer drukke perioden in een mensenleven zijn, die het moeilijk maken om zo'n moment van stilte elke dag te realiseren. Men moet zich dan niet schuldig voelen en zich niet laten aanklagen. God kent het hart. En als dat hart naar Hem uitgaat, dan komt er zeker weer een tijd waarin het wel mogelijk is om Hem te zoeken.

Als de oren het begeven,
Ik de vogels niet meer hoor,
Zal ’k dan nog intenser leven, Heer,
Naar de waarheid van Uw Woord?

Als de ogen niet meer schouwen
Velden, luchten, bloem noch boom,
Zult U mij dan meer ontvouwen, Heer,
Het geheim’nis van Uw Zoon?

Moet ik mijn geliefde missen,
Heb ik haar voor ’t laatst gekoosd,
– ’k Weet: U kunt Zich niet vergissen, Heer –
Vind ik dan in U de troost?

Welk verlies ik ook mag lijden,
Er is winst voor d’ eeuwigheid,
Ik zal mij in U verblijden, Heer,
Van vergank’lijkheid bevrijd.

H.d.J.

Augustus – De geest der profetie


Want het getuigenis van Jezus is de geest der profetie (Op. 19:10)

We denken bij profetie al snel aan toekomstvoorspelling. Maar als er in het boek Openbaring wordt gesproken over de geest der profetie, wordt niet gedoeld op het weten van hoe alles precies zal gaan in de eindtijd: eerst dit, dan dat, dan dat, etcetera. De boodschap aan de gemeenten is duidelijk een boodscahp van aansporing, vermaning en vaak een oproep tot bekering. Profetie is in de eerste plaats Gods wil kennen, Zijn hart kennen. En als je daarnaar leeft, heb je een getuigenis, het getuigenis van Jezus. Hèt grote kenmerk van de Here Jezus is Zijn liefde tot de Vader, Zijn wil om de wil van de Vader te doen. Het getuigenis van Jezus is dat kenmerk te dragen in ons leven. We hebben een zichtbaar merkteken. Net als die mensen in Openbaring die niet trouw zijn aan de Heer en het teken van het beest krijgen, krijgen zij die wel trouw zijn aan de Heer een merkteken: het getuigenis van Jezus.

Eén met de Vader
Het kennen van de wil van God is onlosmakelijk verbonden met het kennen van Hem Zelf in de geest, zoals we dat zien in het leven van de Here Jezus hier op aarde. Het kenmerkte zich allereerst door een diepe eenheid met de Vader. En Zijn gebed tot de Vader was dat Zijn discipelen in die eenheid zouden delen (Joh. 17). De Here Jezus bidt ook dat Zijn discipelen bewaard mogen worden voor de boze, maar in wezen is dat al gelegen in die onafgebroken gemeenschap met de Vader en de Zoon. Dat is het getuigenis van Jezus hebben, wandelen zoals Hij gewandeld heeft. “Ken Hem in al uw wegen” (Spr. 3:6).

De vrijgekochten
Als tweede is het kennen van God verbonden met het vrijgekocht zijn van deze aarde. De Here Jezus liet in Zijn wandel op aarde zien dat Hij van boven was en dat Zijn Koninkrijk niet van deze wereld was. Hij was een vreemdeling. Dat moet ook voor ons de dagelijkse praktijk en beleving zijn. We zijn wel in de wereld maar niet van de wereld. Vriendschap met de wereld betekent vijandschap tegen God. In Openbaring zien we de vrijgekochten van het Lam. Het zijn zij die met woord en daad belijden dat ze niet bij deze wereld horen, omdat ze er van losgekocht zijn met het bloed van het Lam. Als er iets van deze wereld is dat mij trekt of boeit, dan gaat dat ten koste van het kennen van de wil van God en daarmee van de kracht van mijn getuigenis. Het Kruis van Christus zet voor mij een kruis door de wereld: weg ermee! En het zet een kruis door mijzelf: weg ermee! Het leven is mij Christus, het sterven gewin.

Heerschappij
Het derde wat de Here Jezus kenmerkt is Zijn onbegrensde heerschappij. Toen Hij hier op aarde was, handelde en sprak Hij voortdurend vanuit die heerschappij. Dat deed Hij niet alleen om te laten zien wie Hij was, maar ook om Zijn discipelen te leren delen in die heerschappij. Hij heeft alles in Zijn hand. Dat is het getuigenis van Jezus. Ook al lijkt het soms dat wij het verliezen van de machten van de duisternis, het is niet zo. We staan er boven, omdat we met Christus gezeten zijn in de hemelse gewesten. De kracht waarmee de Vader de Here Jezus uit de doden heeft opgewekt, staat de gelovige ter beschikking. Als we met gebogen hoofd lopen, is dat niet de geest der profetie, de geest van het kennen van God, van Zijn grootheid en macht, Zijn majesteit. Wij zijn kinderen van de Allerhoogste. Zij die met opgeheven hoofd met God door het leven gaan, laten zien dat ze het getuigenis van Jezus hebben.

Nederigheid
Het wonderlijkste van de Here Jezus is dat Hij de hoogst mogelijke positie bekleedt en tegelijkertijd de nederigste is, zachtmoedig en vriendelijk is. De meeste mensen die enig gezag bekleden, stijgt het al gauw naar het hoofd en worden bazig en commandeerderig, goed in delegeren en rekruteren, laten anderen voor zich draven. De Here Jezus is volkomen anders. Het kennen van God door de Heilige Geest is op de laagste plaats. Hij die zeer hoog woont, ziet zeer laag neer (Ps. 113). Als we Gods stem niet (meer) horen, Zijn wil niet kennen, komt dat vaak doordat we te hoog zijn.

Vrucht dragen
Het laatste kenmerk van de Here Jezus dat we hier vermelden is Zijn vrucht. Overal waar de Here Jezus kwam, gebeurde er iets, kwam er verandering, werd de wereld op zijn kop gezet. Dat is wat Zijn Leven doet. Dat is het getuigenis van Jezus. Er is altijd verandering, misschien niet meteen zichtbaar voor iedereen, misschien diep verborgen in mijn hart, maar het Leven van Christus brengt vrucht voort. De geest der profetie openbaart zich in veranderde mensenlevens. Is er geestelijke stilstand? Dan zijn hier twee tips: begin de dag met de Heer en eindig de dag met de Heer.

H.d.J.