Blog archief 2010
November – Zoekt Mij en leeft
Zoekt Mij en leeft (Amos 5:4)
Handig hè, die zoekmachines op internet?! Typ maar in en je krijgt een lijst
met mogelijkheden om precies te vinden wat je zoekt. Toch raak ik nog wel eens
teleurgesteld en niet zelden heb ik spijt dat ik me weer eens heb laten
afleiden van datgene waar ik eigenlijk naar op zoek was. Ik had mijn kostbare
tijd beter kunnen besteden. We zouden als christenen onder elkaar elkaar vaker
tips moeten geven over hoe je met je computer en internet moet omgaan.
Informatie
Internet geeft toegang tot veel informatie. Maar niemand zal beweren dat de
opkomst van internet geleid heeft tot een krachtiger christendom of dieper
geestelijk inzicht. Het tegendeel is eerder waar. Er ligt een misleiding in dat
informatie ons verder kan brengen. Gebed is onvervangbaar. Gebed leidt tot
diepere kennis van de Here Zelf. Het is een zoektocht naar Gods wil, naar Zijn
hart. Ik zocht laatst op internet naar iets maar vond het niet. De volgende dag
zocht ik verder en vond het nog niet. In plaats van dat er een lampje bij me
ging branden dat ik niet goed bezig was, raakte ik in een soort zoekkoorts. De
volgende dag weer, hup, computer aan en zoeken maar... Weer niet gevonden. Toen
hoorde ik pas de stem van de Heilige Geest: “Waarom heb je de Here niet
gevraagd?” Als we denken dat computers tijd besparen, dan konden we nog wel
eens bedrogen uitkomen. Soms zijn ze handig, maar je moet goed weten waar je
mee bezig bent en relativeer altijd de waarde van informatie.
Computerzonde
En dan is er nog het gevaar van totaal verdwalen achter de computer en dingen
te zien krijgen die op zijn zachtst gezegd niet door de beugel kunnen.
Broeders, het is één grote leugen! En het is zonde! Het is onreinheid. maar het
is iets algemeens geworden, bereikbaar voor iedereen die geen filters op zijn
computer zet. Het is een groot gevaar, juist omdat het maar een paar klikken
kost. Je zoekt iets op youtube, misschien wel naar een uitvoering van een
geestelijk lied. Maar je oog valt op een plaatje dat er onder staat, iets dat
er niets mee te maken heeft, maar om een één of anderen reden toch iets van je
zoekterm bevat. Je nieuwsgierigheid dringt je ertoe om toch eens op dat plaatje
te klikken. En zo kunnen we volkomen afdwalen en verkeerd terecht komen.
Het bloed van Christus reinigt
Als we gezondigd hebben, mogen we weten dat, als we onze zonden belijden, het
bloed van Christus ons reinigt (1 Joh. 1:9). Gelukkig maar... Maar hoe ernstig
nemen we de zonde? Gods Woord is er duidelijk over dat het om onze
hartsgesteldheid gaat bij de belijdenis van onze zonden. Zonde is erg, iedere
zonde, klein of groot. Maar er is nog iets ergers – al klinkt dat vreemd –
namelijk de verharding van ons hart. Er is niets zo erg als verharding. En
vooral bij computerzonde is het gevaar van verharding groot. Want, broeder, je
kunt wel even de Heer om vergeving en reiniging vragen, maar belijd je het ook
aan je vrouw of verloofde? Vreemd genoeg kost dat meer dan de Heer om vergeving
vragen. Je verliest je gezicht. Doe het toch! Verneder je. Het moet. Pas dan
blijkt dat we ernst nemen met de zonde. Hoeveel zusters zijn er die denken dat
hun man op zijn studeerkamer diep in gebed is, de Here zoekt en Gods Woord
bestudeert, terwijl hij in werkelijkheid achter zijn computer vieze filmpjes
zit te kijken? Het brengt geestelijke dood voort. De Here zegt: “Zoekt Mij en
leeft.”
Verbrokenheid
“Zoekt Mij en leeft,” zegt de Here. Goed, je hebt een avondje vrij en denkt:
“Ik ga vanavond bidden en de Bijbel lezen.” Aan het einde van de avond kom je
tot de schrikbarende conclusie dat je eigenlijk nog maar een kwartier over hebt
om te bidden en de Bijbel te lezen. Wat is er met de tijd gebeurd? Waar ben ik
allemaal mee bezig geweest? Tja, bezig, bezig, bezig. Hopelijk leidt zo’n
conclusie tot verbrokenheid, een verbrokenheid die vergelijkbaar is met die van
Petrus. Hij had gezegd: “Here Jezus, ook al verlaat iedereen U, ik nooit!” Nee
nee, Petrus, jij nooit... Nadat hij de Here Jezus verloochend had, huilde hij
bitter. Hij was diep teleurgesteld over zichzelf. De Here laat ons tot het
einde van onszelf komen, zodat we niet meer van die goede voornemens durven te
maken, maar op zoek gaan naar Hemzelf, naar een bron buiten onszelf, in
Christus. We komen tot die overgave waarover de overdenking van vorige maand
ging. Sommige broeders en zusters geloven dat een dergelijke crisis een
noodzakelijke tweede bekering is. Ik wil niet zo ver gaan. Eigenlijk is het een
dagelijkse overgave. Dan is het geen prestatie meer om de Heer te zoeken. Je
zult jezelf nooit beter voelen dan andere christenen als het je lukt om een uur
te bidden. Je zult misschien wel niet in de gaten hebben dat er al een uur
voorbij is...
H.d.J.
Oktober – Vrijheid
Zo zijn dus de zonen vrij (Mat. 17:26)
Het woord vrijheid spreekt de mens enorm aan. Naties hebben het in hun vaandel
staan, politieke partijen schermen ermee. En als ik persoonlijk filosofeer over
het leven, dan beland ik in het beschrijven van een zoektocht naar ware
vrijheid, bevrijding. Gelukkig zijn zij die de Bevrijder gevonden hebben, Jezus
Christus! Maar ook nadat zij Hem gevonden hebben, gaat de zoektocht door. Want
die ware vrijheid zit dieper dan op het eerste gezicht.
De vrijheid van Christus
De Here Jezus is een raadsel. Hoe kan Gods Zoon, Degene die absolute vrijheid
heeft, Zich door mensen laten kruisigen? Men wist van Hem: “… dat Gij
waarachtig zijt en de weg Gods in waarheid leert en dat Gij U aan niemand
stoort; want Gij ziet de mensen niet naar de ogen.” En als Hem belastinggeld
opgelegd wordt, laat Hij het Petrus halen uit de bek van een vis, “… opdat wij
hun geen aanstoot geven.” Hem is alle macht gegeven in hemel en op aarde. Hij
kan de Vader aanroepen om Hem meer dan twaalf legioenen engelen terzijde te
stellen (Mat. 26:53). Maar Hij zegt tegen Petrus: “Steek het zwaard in de
schede; de beker, die de Vader Mij gegeven heeft, zou Ik die niet drinken?” Dat
is het toppunt van vrijheid.
Comfort
Uit de weg die de Here Jezus gegaan is, blijkt dat we bij vrijheid ons niet een
comfortabel leventje moeten voorstellen, gezellig met het gezin bij de open
haard, iedereen gezond, guitaartje, blije liedere zingen, een soort eeuwige
vakantie, doen waar je zin in hebt, geen verplichtingen, niemand die je de wet
voorschrijft. Overigens moeten we ons evenmin de hemel zo voorstellen. Er is
een lied dat begint met: “Neem mij gevangen, Heer, dan ben ik waarlijk vrij.”
Een gevangene, een slaaf van Christus, is een vrije. Maar voordat we dat
ontdekken, gaan de meesten van ons door een lange, moeizame strijd. Hebben we
dat eenmaal ontdekt, dan is het zaak om daarin door te gaan en te
groeien.
De mens
Uit het zinnetje “want gij ziet de mensen niet naar de ogen”, blijkt dat er een
valstrik ligt op de weg naar de ware vrijheid in Christus: de mens. Je zou de
mens in twee categorieën kunnen verdelen: heersers en dienaren. De geschiedenis
van de mens wil ons leren dat heersers streven naar overheersing en dienaren
ernaar streven om onder die overheersing uit te komen. Beide categorieën zijn
niet vrij. De heersers moeten manipuleren, chanteren, omkopen, tegenstanders
uitschakelen. De dienaren moeten rebelleren, in opstand komen, vechten. Altijd
staat de mens in de weg. Het enige antwoord is dan ook: de mens moet weg. Als
tiener kwam ik in opstand tegen milieuvervuiling en bedreiging van
natuurschoon. Ik vocht me door de exacte vakken, want ik wilde per se
milieukunde studeren en daarna mijn veldtocht beginnen tegen de mens. Totdat ik
ontdekte dat ik er zelf ook één was... En ik ontdekte dat ik een ellendig mens
was, zoals Paulus zegt in Romeinen 7. En ook ik moest uitroepen: “Wie zal mij
verlossen…” Gelukkig vond ik Hem vijf jaar later, mijn Heiland, Jezus Christus!
Eén is voor allen gestorven, dus zijn zij allen gestorven, opdat zij die leven
niet meer voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem die voor hen gestorven is
en opgewekt (2 Cor. 5:15). Dat is ware vrijheid
De zonen
De zonden zijn vrij. Dat is een heerlijk onderwerp. Romeinen 8 gaat er over, en
de hele Galatenbrief. Uit de Galatenbrief blijkt hoe lastig het soms is om in
die vrijheid te blijven staan. Petrus ging voor de bijl en zelfs Barnabas.
Steeds is het antwoord hetzelfde: “Met Christus ben ik gekruisigd, en toch leef
ik, niet meer mijn ik, maar Christus leeft in mij.” Je hoeft noch te
manipuleren, noch te rebelleren. Gestorven zijn met Christus en Zijn
opstandingsleven openbaren, dat is vrijheid.
H.d.J.
September – De vreugde in de HERE
De vreugde in de HERE, die is uw toevlucht (Neh. 8:11)
Het Schriftgedeelte in Johannes 15 dat gaat over de Landman, de Wijnstok en de
ranken wordt vaak in verband gebracht met wat men noemt “het
overwinningsleven”. Wat in ieder geval de bedoeling van de Here Jezus is met
deze toespraak is aan Zijn discipelen duidelijk maken dat Zijn heengaan naar de
Vader niet een scheiding is, omdat Hij een geestelijke verbondenheid belooft.
Die verbondenheid is iets nieuws, iets wat de mensheid tot dan toe nog niet
gekend heeft. Het is een verbondenheid die tot stand gebracht wordt door de
Heilige Geest. Het bijzondere is hierbij dat de Heilige Geest niet Iemand is
die komt en weer gaat, maar in de harten komt wonen. Dat is
basiskennis, maar toch is het de vraag: leef ik daarnaar?
Gegrepenheid
Het is mijn grootste angst om die verbondenheid kwijt te raken, of zelfs dat
die iets zou verminderen. De verbondenheid met de Here Jezus is het enige
waarvoor ik leef. Niets op aarde kan mij meer echt boeien of bekoren (behalve
mijn vrouw). Het is een genot om over de velden te turen en te luisteren naar
het gezang van vogels. Er zijn dingen die het leven plezierig maken. Maar dat
is niet waarvoor ik leef. Het directe contact met de Here Jezus, dat is het.
Als dat er niet is, is er niets. Maar door Gods toedoen is er een innerlijke
drang die mij naar Christus uitdrijft. Dat is een zeer belangrijke eigenschap
van het Nieuwe Leven, het leven in de Geest. God heeft mijn ogen geopend voor
Zijn Zoon en ik ben door Hem gegrepen, weg van Hem. Dat is het.
Openbaring
Waar God op uit is, is de openbaring van Zijn Zoon. Al het andere,
gerechtigheid, heiligheid, de Gemeente, Zijn Koninkrijk, alles vloeit voort uit
de openbaring van Zijn Zoon Jezus Christus. Maak iets van deze goddelijke
waarheden los van Christus en je belandt in een dwaling.
Toevlucht
Zonder die openbaring van Jezus Christus kunnen we nooit onze toevlucht bij Hem
nemen en kan de vreugde om Hem te kennen nooit onze toevlucht zijn. Want het
gaat altijd om een vergelijking. Raak ik niet los van aardse bindingen of de
duistere machten die daarmee verbonden zijn, dan komt dat doordat dat aardse
nog iets bekoorlijks heeft in mijn beleving en dat komt weer doordat dat nog
niet vervaagd is in het licht van Christus. In het licht van wie Christus is
vervaagt alles. Niets heeft nog enige waarde. Niets is meer interessant. Als er
dan een verzoeking komt, kan ik mijn toevlucht tot Hem nemen. Ik weet waar ik
zijn moet.
Tijd
God heeft vele wegen om openbaring van Jezus Christus te geven. Meestal gaat
het gepaard met moeiten en moeilijkheden. Acht de tuchtiging des Heren niet
gering, zegt Hebreeën. De openbaring van Jezus Christus is gratis, maar niet
goedkoop. Er is ook tijd voor nodig, vormingstijd aan de ene kant, en tijd om
met de Here alleen te besteden aan de andere kant. Klinkt dat mystiek? Hoe het
ook zij, het is nodig om in de stilte te vertoeven aan de voeten van de Heer.
Er kunnen zeer drukke perioden in een mensenleven zijn, die het moeilijk maken
om zo'n moment van stilte elke dag te realiseren. Men moet zich dan niet
schuldig voelen en zich niet laten aanklagen. God kent het hart. En als dat
hart naar Hem uitgaat, dan komt er zeker weer een tijd waarin het wel mogelijk
is om Hem te zoeken.
Als de oren het begeven,
Ik de vogels niet meer hoor,
Zal ’k dan nog intenser leven, Heer,
Naar de waarheid van Uw Woord?
Als de ogen niet meer schouwen
Velden, luchten, bloem noch boom,
Zult U mij dan meer ontvouwen, Heer,
Het geheim’nis van Uw Zoon?
Moet ik mijn geliefde missen,
Heb ik haar voor ’t laatst gekoosd,
– ’k Weet: U kunt Zich niet vergissen, Heer –
Vind ik dan in U de troost?
Welk verlies ik ook mag lijden,
Er is winst voor d’ eeuwigheid,
Ik zal mij in U verblijden, Heer,
Van vergank’lijkheid bevrijd.
H.d.J.
Augustus – De geest der profetie
Want het getuigenis van Jezus is de geest der profetie (Op.
19:10)
We denken bij profetie al snel aan toekomstvoorspelling. Maar als er in het
boek Openbaring wordt gesproken over de geest der profetie, wordt niet gedoeld
op het weten van hoe alles precies zal gaan in de eindtijd: eerst dit, dan dat,
dan dat, etcetera. De boodschap aan de gemeenten is duidelijk een boodscahp van
aansporing, vermaning en vaak een oproep tot bekering. Profetie is in de eerste
plaats Gods wil kennen, Zijn hart kennen. En als je daarnaar leeft, heb je een
getuigenis, het getuigenis van Jezus. Hèt grote kenmerk van de Here Jezus is
Zijn liefde tot de Vader, Zijn wil om de wil van de Vader te doen. Het
getuigenis van Jezus is dat kenmerk te dragen in ons leven. We hebben een
zichtbaar merkteken. Net als die mensen in Openbaring die niet trouw zijn aan
de Heer en het teken van het beest krijgen, krijgen zij die wel trouw zijn aan
de Heer een merkteken: het getuigenis van Jezus.
Eén met de Vader
Het kennen van de wil van God is onlosmakelijk verbonden met het kennen van Hem
Zelf in de geest, zoals we dat zien in het leven van de Here Jezus hier op
aarde. Het kenmerkte zich allereerst door een diepe eenheid met de Vader. En
Zijn gebed tot de Vader was dat Zijn discipelen in die eenheid zouden delen
(Joh. 17). De Here Jezus bidt ook dat Zijn discipelen bewaard mogen worden voor
de boze, maar in wezen is dat al gelegen in die onafgebroken gemeenschap met de
Vader en de Zoon. Dat is het getuigenis van Jezus hebben, wandelen zoals Hij
gewandeld heeft. “Ken Hem in al uw wegen” (Spr. 3:6).
De vrijgekochten
Als tweede is het kennen van God verbonden met het vrijgekocht zijn van deze
aarde. De Here Jezus liet in Zijn wandel op aarde zien dat Hij van boven was en
dat Zijn Koninkrijk niet van deze wereld was. Hij was een vreemdeling. Dat moet
ook voor ons de dagelijkse praktijk en beleving zijn. We zijn wel in de wereld
maar niet van de wereld. Vriendschap met de wereld betekent vijandschap tegen
God. In Openbaring zien we de vrijgekochten van het Lam. Het zijn zij die met
woord en daad belijden dat ze niet bij deze wereld horen, omdat ze er van
losgekocht zijn met het bloed van het Lam. Als er iets van deze wereld is dat
mij trekt of boeit, dan gaat dat ten koste van het kennen van de wil van God en
daarmee van de kracht van mijn getuigenis. Het Kruis van Christus zet voor mij
een kruis door de wereld: weg ermee! En het zet een kruis door mijzelf: weg
ermee! Het leven is mij Christus, het sterven gewin.
Heerschappij
Het derde wat de Here Jezus kenmerkt is Zijn onbegrensde heerschappij. Toen Hij
hier op aarde was, handelde en sprak Hij voortdurend vanuit die heerschappij.
Dat deed Hij niet alleen om te laten zien wie Hij was, maar ook om Zijn
discipelen te leren delen in die heerschappij. Hij heeft alles in Zijn hand.
Dat is het getuigenis van Jezus. Ook al lijkt het soms dat wij het verliezen
van de machten van de duisternis, het is niet zo. We staan er boven, omdat we
met Christus gezeten zijn in de hemelse gewesten. De kracht waarmee de Vader de
Here Jezus uit de doden heeft opgewekt, staat de gelovige ter beschikking. Als
we met gebogen hoofd lopen, is dat niet de geest der profetie, de geest van het
kennen van God, van Zijn grootheid en macht, Zijn majesteit. Wij zijn kinderen
van de Allerhoogste. Zij die met opgeheven hoofd met God door het leven gaan,
laten zien dat ze het getuigenis van Jezus hebben.
Nederigheid
Het wonderlijkste van de Here Jezus is dat Hij de hoogst mogelijke positie
bekleedt en tegelijkertijd de nederigste is, zachtmoedig en vriendelijk is. De
meeste mensen die enig gezag bekleden, stijgt het al gauw naar het hoofd en
worden bazig en commandeerderig, goed in delegeren en rekruteren, laten anderen
voor zich draven. De Here Jezus is volkomen anders. Het kennen van God door de
Heilige Geest is op de laagste plaats. Hij die zeer hoog woont, ziet zeer laag
neer (Ps. 113). Als we Gods stem niet (meer) horen, Zijn wil niet kennen, komt
dat vaak doordat we te hoog zijn.
Vrucht dragen
Het laatste kenmerk van de Here Jezus dat we hier vermelden is Zijn vrucht.
Overal waar de Here Jezus kwam, gebeurde er iets, kwam er verandering, werd de
wereld op zijn kop gezet. Dat is wat Zijn Leven doet. Dat is het getuigenis van
Jezus. Er is altijd verandering, misschien niet meteen zichtbaar voor iedereen,
misschien diep verborgen in mijn hart, maar het Leven van Christus brengt
vrucht voort. De geest der profetie openbaart zich in veranderde mensenlevens.
Is er geestelijke stilstand? Dan zijn hier twee tips: begin de dag met de Heer
en eindig de dag met de Heer.
H.d.J.
Published on Wednesday 1 September 2010 by De redactie